Henk is de 80 gepasseerd. Hij woont nog niet zo lang in het verzorgingstehuis. De hele dag is hij onrustig en loopt hij rond op zoek naar bezigheden. Soms is hij boos, met momenten agressief, en vooral dán is hij terug in zijn traumatische oorlogsverleden.

Ik wandel achter hem aan de huiskamer in. Henk staat stil en vraagt aan de verzorgende die naast hem staat: ”En wat moet ik nou de hele middag doen?”. De verzorgende stelt voor om bij de andere bewoners aan tafel te gaan zitten. Henk reageert niet en blijft stokstijf stil staan achter zijn rollator. Ik gooi het over een andere boeg en zeg vanuit de achtergrond: ”Vanmiddag is er muziek”. Meneer hoort me niet maar de woonbegeleidster neemt mijn woorden onmiddellijk over. Nu loopt meneer naar de stoel en gaat zitten. Twee tellen, dan staat hij weer op. Het is net genoeg tijd voor mij om te passeren met de pianotas op wielen.

Terwijl ik mijn instrument installeer, vraag ik aan de verzorging of ze me iets meer kunnen vertellen over meneer: zijn gezinsleven, zijn achtergrond, zijn beroep. Ik zoek naar aanknopingspunten waarop ik mijn muziekkeuze kan afstemmen. Maar er is nog niet veel over Henk bekend. Na een paar minuten loopt hij langs de piano en neemt schuin achter me plaats in een luie stoel. Hij gebaart in de verte en zegt: ”Interieurbouw”. Ik kijk hem verrast aan en bedank hem voor de informatie. Mijn vingers spelen een zachte melodieuze improvisatie op de piano.

Intussen mijmer ik over het woord interieurbouw. Interieur is de binnenkant van een gebouw: een zorginstelling, winkel, horeca, je eigen huis. Als interieurbouwer ben je verantwoordelijk voor het maken van interieurs. Je gebruikt verschillende machines, materialen en gereedschappen. Het gaat om maatwerk. Alles moet tot op de millimeter kloppen. Wat kan ik daar in muzikaal opzicht mee? Er schiet me niets te binnen, behalve het lied ‘In Holland staat een huis’. Ik schat in dat Henk van een ander repertoire houdt en ga verder met de zachte piano-improvisatie.

Na een paar minuten duwt Henk zijn beide handen tegen zijn voorhoofd, heel hard, een paar seconden. Dan maakt hij met zijn handen een weg wapperende beweging. Hij herhaalt het duwen en wapperen een flink aantal keren, alsof hij de drukte uit zijn hoofd probeert te halen. Gefascineerd kijk ik naar het ritueel. Dan komen zijn bewegingen tot rust. Af en toe hoest hij, waarbij Henk met een van pijn vertrokken gezicht zijn rechterzij vastpakt. Daarna blijft hij doodstil zitten. Zijn ademhaling vertraagt. Hij heeft zijn ogen gesloten en leunt tegen de hoofdsteun van de stoel. Meneer is niet in slaap, maar zit er ontspannen bij.

Een deur klapt dicht. Vanuit mijn ooghoeken kijk ik naar Henk, maar hij verblikt of verbloost niet.

Een meneer brengt zijn vrouw terug naar de afdeling en praat luid. Ik kijk nieuwsgierig opzij. Henk geeft geen krimp.

Er wordt aan de deur gebeld. Het ding-dong-geluid golft een aantal keren door de gang naar de huiskamer. Nog steeds zit Henk er bij als een toonbeeld van rust.

De verzorging komt binnen. Verbaasd kijken ze naar Henk. Meteen schieten ze in de sluipstand. “Wat is dit fijn voor hem”, fluistert de verzorgende ontroerd, “eindelijk even een moment van ontspanning”.

Met langzame bewegingen pak ik de piano weer in. Het dichtritsen van de tas maakt veel geluid. Het deert Henk niet. Hij zit er al een half uur onverstoorbaar bij. Alsof hij in het afgelopen uur het interieur van zijn eigen huis onder handen heeft genomen. Alsof hij met het handenritueel al het overtollige weg heeft gewapperd. Henk is begonnen aan de bouw van zijn eigen interieur, in rust en stilte, millimeter voor millimeter.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s